Israël: kernmacht bij de gratie van de NAVO

Henk van der Keur, stichting Laka | 28 juni 2015

Summary: Newly released documents on the history of Israel’s nuclear weapons program add little to what was already known from previously released documents and information from whistleblower Mordechai Vanunu. Israel obtained nuclear technology from NATO member states, especially France and Norway. Until today Israel refuses to dismantle its nuclear weapons arsenal. Recently, Israel rejected again an invitation to start talks for disarmament, for a nuclear weapons free zone in the Middle East. Reason why the 2015 Review Conference of the NPT ended up in a failure.

Met de openbaarmaking van de Amerikaanse ‘ontdekking’ van Israël’s kernwapenprogramma leek de Amerikaanse president Obama een koers te hebben ingezet voor groeiende druk op de Israël om het te dwingen de internationale regelgeving voor non-proliferatie na te komen. Zo zou er eindelijk een doorbraak kunnen komen in de impasse in het overleg over kernontwapening in het Midden-Oosten. De enige kernmacht in de regio wijst al 35 jaar oproepen van de Verenigde Naties om te ontwapenen af en wordt daarbij altijd gesteund door de Verenigde Staten. Even leek het erop dat Israël door de vermeende koerswijziging van Obama overstag zou gaan en bereid zou zijn om deel te nemen aan het overleg voor een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten. Voor het eerst was de zionistische staat – niet-ondertekenaar van de non-proliferatieverdragen – als waarnemer aanwezig op een toetsingsconferentie van het non-proliferatieverdrag (NPV). Het was tot op het laatste moment spannend, maar de harde en onredelijke eisen van Israël voor zijn goedkeuring van een nucleaire deal met Iran hebben de toetsingsconferentie van het NPV doen mislukken.

De recente openbaarmaking van gegevens over het Israëlische Manhattan Project voegen weinig toe aan wat al eerder is onthuld door vooral klokkenluider Mordechai Vanunu (1986) en door anderen. Dat neemt niet weg dat ze belangrijk zijn voor de vorming van een zo goed mogelijk beeld hoe NAVO-landen Israël’s kernwapenproject ondersteunden.

mordechai vanunu

‘ontdekking’ Israëls kernwapenproject
Volgens de recent vrijgegeven documenten vernam de Amerikaanse regering van president Dwight D. Eisenhower in de zomer van 1960 voor het eerst dat Israël bezig was met een kernwapenproject. Dat was ruim vijf jaar na het besluit van de Israëlische regering een onderzoeksreactor in Dimona te gaan bouwen en een jaar voordat deze kernreactor in de Negev-woestijn in bedrijf zou gaan voor het leveren van splijtbaar plutonium. Washington had volgens deze versie langer dan vijf jaar alle waarschuwingssignalen over Israël’s kernwapenproject gemist, en accepteerde al die tijd de Israëlische smoesjes dat in Dimona slechts een ‘textielfabriek’ werd gebouwd. Een ander beeld hierover verrijst uit een document van het Amerikaanse Leger uit 1999 – onthuld door de Federation of American Scientists – met overlappende en andere details van Israël’s kernwapenproject. Hierin wordt 1958 als jaartal genoemd voor de Amerikaanse ontdekking van de kernreactor in Dimona. Dat klinkt al een stuk waarschijnlijker.

Het staat vast dat de Amerikaanse inlichtingendiensten belangrijke zaken over het hoofd hebben gezien. Maar voor een aantal grove nalatigheden valt dit moeilijk te aanvaarden. Om er een paar te noemen: de uitgebreide onderhandelingen van Israël met Frankrijk voor de levering van een kernreactor en andere kerntechnologie, en de levering van zwaar water via een overeenkomst met Noorwegen.

nucleaire deals met NAVO-landen
Shimon Peres was ervan overtuigd dat Frankrijk de leverancier moest worden van de technologie die Israël nodig had voor het maken van kernwapens. De nationalisatie van het Suezkanaal creëerde in de zomer van 1956 de politieke opening voor een Frans-Israëlische nucleaire overeenkomst. In september van dat jaar bereikte de Franse Atoomenergiecommissie overeenstemming met Israël voor de levering van een onderzoeksreactor. Canada zette even daarvoor een precedent door de levering van eenzelfde type onderzoeksreactor, de CIRUS, aan India. Beide kernreactoren zijn zogenaamde zwaar water reactoren. Anders dan de meeste reactoren gebruikt dit type natuurlijk uranium als kernbrandstof. Daarbij wordt in verhouding veel meer plutonium gevormd dan in een gangbare reactor. Het is de kortste route voor het verkrijgen van splijtbaar plutonium voor gebruik in kernwapens. India volgde dezelfde route naar de productie van kernwapens als Israël.

Begin 1955 ondernam de Israëlische regering voor het eerst pogingen om zo goedkoop mogelijk en zonder internationale controle 20 ton zwaar water te verkrijgen. Alleen de VS en Noorwegen waren producenten van dit proliferatiegevoelige goedje. Toen de mogelijkheid om het uit de VS te betrekken hopeloos bleek, groeide de Israëlische interesse voor een Noorse route. De onderhandelingen tussen Israël en Noorwegen intensiveerden in de periode 1957-58, toen de nucleaire deal met Frankrijk voor Dimona werd onderhandeld en ondertekend. In juni 1959 tekenden Noorwegen en Israël een overeenkomst voor de levering van zwaar water. Onder coördinatie van politiek medewerker Richard Kerry van de Amerikaanse ambassade in Oslo werd Israël via Londen van zwaar water voorzien. Een memo hierover van Kerry van 15 juni 1959 aan zijn meerderen op het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en de Amerikaanse Atoomenergiecommissie zou het hogere kader van het ministerie en de CIA pas voor het eerst in december 1960 bereiken. Richard Kerry was overigens de vader van de huidige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry.

Het lijkt in hoge mate onwaarschijnlijk dat deze gebeurtenissen zijn ontsnapt aan het oog van de Amerikaanse inlichtingendiensten. Naast de vermelde NAVO-landen was het NAVO-lid Duitsland die de kosten van Israël’s kernwapenproject voor zijn rekening nam.

Israël’s sabotage van de Helsinki Conferentie
Nadat de Verenigde Naties dertig jaar vruchteloos aandrongen op een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten, riep de toetsingsconferentie van het NPV van 2010 unaniem op tot een Internationale Conferentie voor het begin van een discussie over een zone die vrij is van kernwapens en andere massavernietigingswapens. Die conferentie was geagendeerd voor december 2012 in Helsinki. Maar even daarvoor, eind november 2012, kondigden de VS aan dat de conferentie niet bijeen kon worden geroepen vanwege de ‘bijzondere omstandigheden’ in het Midden-Oosten. De grootste groep landen die in de VN zijn vertegenwoordigd, de Beweging van Niet-Gebonden Landen, veroordeelde de annulering in scherpe bewoordingen. Het benadrukte de sterke wens van haar leden voor het streven naar ontwapening en riep Israël op zijn kernwapens te vernietigen en hun nucleaire installaties te onderwerpen aan IAEA-inspecties in overeenstemming met de internationale regelgeving voor non-proliferatie.

Even leek het erop dat er tijdens de recente toetsingsconferentie van het NPV (2015) een doorbraak zou komen in de impasse. Tot vlak voor de finale was het spannend. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken had een topambtenaar naar Israël gestuurd voor beraad over een kernwapenvrije zone in het Midden-Oosten. En de Israëlische premier Netanyahu speculeerde openlijk op de mogelijkheid dat de VS Israël zouden gaan dwingen om het bestaan van hun publiek geheime kernwapenprogramma publiekelijk te erkennen. Maar Israël – dat als ‘niet-erkende’ kernmacht voor het eerst als waarnemer aanwezig was op de conferentie – verwierp de laatste conceptversie van het slotdocument, omdat het wederom niet wil verschijnen op de Helsinki Conferentie die gepland staat voor maart 2016. Israël kon de druk van de VS ombuigen in steun door harde en onredelijke eisen te stellen voor zijn goedkeuring van de nucleaire deal met Iran. Dus als vanouds steunde de VS Israël en torpedeerden de VS het slotdocument. Daarbij gaven ze Egypte de schuld in de wetenschap dat het – op Israël na – als grootste ontvanger van Amerikaanse steun in de regio niet zal tegensputteren. Zo kreeg Israël het grootst denkbare geschenk dat premier Netanyahu zich kon wensen: de onomwonden legitimatie door de VS, Canada en Groot-Brittannië van Israël’s kernwapenprogramma. Een drama voor de 107 landen die een verbod op kernwapens nastreven, maar bovenal een domper voor de Helsinki Conferentie. Naast deze bonus, bovenop de jaarlijkse Amerikaanse militaire steun van drie miljard dollar aan Israël, ontvangt Israël ook nog eens bijna twee miljard dollar aan wapens uit de VS, waaronder 3000 Hellfire raketten en 750 bunkerbusters, als ‘compensatie’ voor de deal met Iran.

Dit artikel is verschenen in het VredesMagazine van juni 2015

bronnen

Cohen, Avner and Burr, William (ed.); The U.S. Discovery of Israel’s Secret Nuclear Project. The National Security Archive, The George Washington University. April 15, 2015.
http://nsarchive.gwu.edu/nukevault/ebb510/

Farr, Warner D. (LTC, U.S. Army), The Third Temple’s Holy of Holies: Israel’s Nuclear Weapons. The Counterproliferation Papers. Maxwell Air Force Base, Alabama. September 1999.
http://fas.org/nuke/guide/israel/nuke/farr.htm

Fleming, Eileen, Countercurrents.org (April 18, 2015): U.S. Documents Corroborate Mordechai Vanunu’s Revelations Regarding Israel’s Nuclear Weapons.
http://www.countercurrents.org/fleming180415.htm

Barak, Ravid and Reuters, Haaretz (May 23, 2015): U.S. blocks NPT conference statement over Israeli objections
http://www.haaretz.com/news/diplomacy-defense/1.657783

Khalek, Rania, Electronic Intifada (May 22, 2015): Obama gives $1.9 billion in weapons as welcome gift to Israel’s racist government
http://electronicintifada.net/blogs/rania-khalek/obama-gives-19-billion-weapons-welcome-gift-israels-racist-government

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *